De eigenaardigheden van een taal beheersen

De Zuid-Koreaanse Vinnie Ko beschreef in zijn boek ‘Met hartelijke groente’ hoe hij als Koreaan naar het Nederlands kijkt. In een van de columns in het boek schrijft hij: ‘Ik begin een lijst op te stellen van objecten die kunnen liggen, objecten die kunnen zitten en objecten die kunnen staan. Een fles wijn kan zowel staan als liggen in de koelkast, maar zitten kan hij niet. Een stuk taart kan alleen staan in de koelkast, maar in de taart zit wel veel suiker. Maar de suiker kan niet zitten in het schap van de supermarkt. De suiker kan wel staan in het schap. Maar in de taart kan suiker niet staan.’

 

Zonder ons ervan bewust te zijn, bevat het Nederlands veel eigenaardigheden. Pas als je er door de ogen van anderstaligen naar kijkt, word je met de neus op de feiten gedrukt. Ook het Engels kent dergelijke eigenaardigheden en om verwarring door letterlijke vertaling te voorkomen, is het goed je bewust te zijn van bepaalde vaste uitdrukkingen en andere eigenaardigheden. Het zijn de eigenaardigheden van de taal die maken of je tijdens het spreken natuurlijk overkomt.  

Woorden die vaak samen te vinden zijn zoals collocations

Collocations zijn woorden die vaak samen worden gebruikt. Toch is dit niet hetzelfde als een spreekwoord (saying of expression) of een gezegde (proverb). Engelse voorbeelden van collocaties zijn bijvoorbeeld de standaarduitdrukkingen ‘legally binding’ (juridisch bindend), ‘flout the law’ (de wet overtreden) en ‘a tacit agreement’ (een stilzwijgende overeenkomst). Naast de collocations, kent iedere taal ook groepjes woorden die je als werkwoord gebruikt, ofwel de phrasal verbs. Denk aan ‘to call up’ (bellen), ‘to call down’ (neerhalen) en ‘to call on’ (een beroep doen op). Aan de vertaling kun je zien dat het voorzetsel dat je aan ‘call’ toevoegt, bepalend is voor de betekenis.

Eigenaardigheden van de taal

Deze eigenaardigheden van de taal noemen we het idioom. Het cultureel woordenboek legt dit uit als: ‘Het geheel van uitdrukkingen en zegswijzen in een taal, die van lieverlede een betekenis hebben gekregen die niet meer rechtstreeks uit samengestelde delen is af te leiden.’ De spreektaal, ofwel colloquialisms, geeft de natuurlijke manier van spreken weer. Het tempo, de uitspraak, de intonatie en de klemtoon bepalen hoe natuurlijk jouw Engels klinkt.

 

Voor een groot deel kun je de tempo, uitspraak, intonatie en klemtoon op gevoel doen. Collocaties, gezegden en spreekwoorden zijn over het algemeen andere koek en vaak zit er niets anders op dan de combinaties simpelweg uit je hoofd te leren.

Heb je vragen dan helpen wij je graag verder via hallo@christinekhan.nl of het contactformulier.

Ook interessant:

Beveiligd: Het Anglo-Amerikaanse vermogensrecht

Er is geen samenvatting, omdat dit een beveiligd bericht is.

Lees verder...

Een powerpointpresentatie geven in het Engels: waar moet je op letten?

We kennen allemaal de powerpointpresentatie die slaapverwekkend zijn en waarbij de luisteraars liever met hun telefoon spelen dan oplettend naar het verhaal te luisteren. Zeker…

Lees verder...

Hoe maak je een ondersteunende powerpointpresentatie?

Voor veel professionals is het geven van een presentatie een terugkerende activiteit. Toch is iedere presentatie weer anders en zijn er verschillende manieren om een…

Lees verder...

Voorstellen: hoe maak je een memorabele indruk?

Hoe stel jij jezelf voor aan gesprekspartners? Wat vertel je precies? Houd je daarbij rekening met de indruk die je op anderen achterlaat? En welke…

Lees verder...

Nuanceverschillen door de keuze van de werkwoordsvorm

De Engelse grammatica is simpelweg onder te verdelen in drie varianten: de tegenwoordige tijd, de verleden tijd en de toekomende tijd. Alle werkwoordsvormen zijn hier…

Lees verder...

Wanneer gebruik je de apostrof-s?

In een eerder blog Verwijzen naar de verleden tijd noemde ik al dat de grammatica in het Engels soms net een tikkeltje afwijkt van het…

Lees verder...

Kun je het niet zeggen, zing het dan!

We kunnen ons allemaal de rijtjes nog wel herinneren die we op de middelbare school moesten leren om een vreemde taal onder de knie te…

Lees verder...

Verwijzen naar de verleden tijd

Een van de grootste verschillen tussen het Engels en het Nederlands is het gebruik van de verleden tijd. Waar we als Nederlanders gewend zijn om…

Lees verder...

Verbeter je uitspraak door een gesprek met jezelf

Mompel je ook weleens iets in jezelf? Voer je weleens hele gesprekken met iemand in gedachten? Bijna iedereen is weleens met zichzelf in gesprek. Voordat…

Lees verder...

‘Jurisprudence’ is niet hetzelfde als ‘jurisprudentie’

Dat een leek de Engelse term ‘jurisprudence’ al snel zal vertalen als ‘jurisprudentie’, is niet gek. De woorden lijken sprekend op elkaar. Maar pas op:…

Lees verder...